25 maart 2011, lezing om 20u

Economie en onrust

Heeft u het ook zo druk? Hoe komt het dat we het tegenwoordig zo druk hebben en wat heeft dat te maken met de economie? Hoe maken we keuzes die overeen komen met onze overtuiging? Vormt de markteconomie een bedreiging voor het gezinsleven? Wat is de plaats daarin van kerken en niet-winstgevende organisaties? Dit zijn enkele van de vragen waarop zal ingegaan worden tijdens de lezing.

Drs. Pim Boven is econoom en administratief directeur van de Evangelische Theologische Faculteit te Leuven.

De inkom is gratis en vindt plaats in het kerkcentrum.

27 februari 2011

‘Nader tot God dan zal Hij tot u naderen’ is één van de vele opmerkelijke uitspraken in Jakobus’ brief. Bij eerste lezing wordt je waarschijnlijk getroffen door de heel directe stijl waarop Jakobus de lezers aanspreekt en de vele richtlijnen van praktische aard. Als er al iemand zou vragen hoe een christenleven eruit zou moeten zien, dan is het hier in duidelijke taal verwoordt. Eerst spreekt hij over de moeiten waar een christen mee te kampen krijgt, dan drukt hij de lezer op het hart dat geloven in Christus in daden te zien is. Daarover geeft hij duidelijk onderricht en tot slot geeft de apostel raadgevingen en bemoediging.

Het lijkt wel één en al activiteit, het christelijk leven…

Maar hier, in dit 4e hoofdstuk lezen we meer over het innerlijk leven en gesteldheid van een christen. Dat viel me zo op dit keer. Heel kort geeft hij ons de reden: “Denk toch niet dat dit loze woorden zijn in de Schrift: ‘Hij die ons het leven gaf, maakt er vurig aanspraak op; …” vers 5. Wij zijn van de schepper, van Christus Jezus!

De Vader gaf ze Hem! “Ik heb aan de mensen die u mij uit de wereld gegeven hebt uw naam bekendgemaakt. Zij waren van u, maar u hebt hen aan mij gegeven. Ze hebben uw woord bewaard,” Joh. 17:6

En de zin is niet af maar eindigt met: “…maar de genade die hij schenkt is nog groter.”

Dat is wel het allerbelangrijkste; de genade van Jezus die ons vrijkocht met zijn bloed. Zo gingen de woorden in vervulling die hij gesproken had: ‘Geen van hen die u mij gegeven hebt, heb ik verloren laten gaan.’ Joh. 18:9

Jakobus laat ons even stilstaan en kijken in het eigen hart, met welke ingesteldheid keren wij ons tot God? Dat kan alleen als in het bewustzijn van onze kleinheid tegenover de Heer. In Zijn genade ontvangen we die ootmoed om God te erkennen als Heer en tegenstroom in Zijn naam hoog te houden.

Onderwerp u dus aan God, en verzet u tegen de duivel, dan zal die van u wegvluchten.”

“Nader tot God, dan zal hij tot u naderen. Reinig uw handen, zondaars; zuiver uw hart, weifelaars. Weeklaag, wees treurig en laat uw tranen vloeien. Laat uw lachen veranderen in droefheid en uw vreugde in somberheid. Verneder u voor de Heer, dan zal hij u verheffen.” Jakobus 4:8-10

Dat is straffe taal zoals heel de brief, zoals heel het evangelie, maar ook heel bemoedigend!

13 februari 2011

Lieve broeders en zusters,

Jakobus zegt het is goed te geloven ‘maar als het geloof zich niet daadwerkelijk bewijst is het dood.’ Jak. 2:17 en Jezus zegt: ‘Als je mij liefhebt, houdt je dan aan mijn geboden’. Joh. 14:15 Dat is duidelijk een hele belangrijke levensopdracht voor de volgeling van Jezus. Als je christen bent of we zeggen misschien beter ‘probeert te zijn’ dan weet je best dat het nogal eens moeite kost. In de Hebreeën brief spreekt Paulus over ‘de wedstrijd lopen’ als hij het heeft over het afwerpen van de last van de zonde waarin we steeds weer verstrikt raken. Dat duidt er dus op dat het heel wat training en inspanning kost. Maar houden we de ogen gericht op Jezus en keren we nu even terug naar wat Jezus ons leert toen hij zijn leerlingen toesprak vlak voor zijn overlevering door Judas aan de Farizeeërs. ‘Ik geef jullie een nieuw gebod: heb elkaar lief. Zoals ik jullie heb liefgehad, zo moeten jullie elkaar liefhebben. Aan jullie liefde voor elkaar zal iedereen zien dat jullie mijn leerlingen zijn.’ Joh13:34-35

Hier wordt een dimensie toegevoegd. Deze oproep speelt dus niet alleen een rol voor de gelovige persoonlijk, maar  ook voor de niet-gelovige. Deze liefde heeft getuigeniskracht! Zo komen we dan bij een andere opdracht die Jezus aan zijn leerlingen geeft vlak voor Hij naar de Vader terugkeert: ‘en dat in zijn naam alle volken opgeroepen zullen worden om tot inkeer te komen, opdat hun zonden worden vergeven. Jullie zullen hiervan getuigenis afleggen, te beginnen in Jeruzalem.’  Luc.24:47-48 Hiermee werden wij zelf gezegend en wie heeft niet het verlangen dat ook zijn familie, vrienden, collega’s, stads- en landgenoten, vreemdelingen, … hiermee gezegend zouden worden?

Het is toch hoopvol als Jezus ons op het hart drukt: ‘Wie mijn geboden kent en zich eraan houdt, heeft mij lief. Wie mij liefheeft zal de liefde van mijn Vader en mij ontvangen, en ik zal mij aan hem bekendmaken.’ Joh. 14: 21

Of laat je nog meer bemoedigen door wat Jezus aan diezelfde tafel verder nog zei: ‘Waarachtig, ik verzeker jullie: wie op mij vertrouwt zal hetzelfde doen als ik, en zelfs meer dan dat, ik ga immers naar de Vader. En wat jullie dan in mijn naam vragen, dat zal ik doen, zodat door de Zoon de grootheid van de Vader zichtbaar wordt. Wanneer je iets in mijn naam vraagt, zal ik het doen.’ Joh. 14:12-14

En alsof dat alles nog niet genoeg is schenkt Hij ons nog meer om ons bij te staan. Dan zal ik de Vader vragen jullie een andere pleitbezorger te geven, die altijd bij je zal zijn: de Geest van de waarheid. De wereld kan hem niet ontvangen, want ze ziet hem niet en kent hem niet. Jullie kennen hem wel, want hij woont in jullie en zal in jullie blijven.’ Joh. 14:16-17

Dit mag voor ons een stimulans zijn om te volharden: Jezus geeft ons Zijn vrede en de heerser van de wereld heeft geen macht over Hem, Hij deed wat de Vader Hem opdroeg. (Joh. 14:27-31) Laten wij doen als onze Heer vraagt: vertrouwen op Hem en zijn Vader, zijn geboden onderhouden, getuigen zijn.

27 februari 2011, Jeugddienst om 10u